Gedachten-Erfgoed – over Verdringing, Oogkleppen en Geschiedsvervalsing
Het verhaal dat we in boeken over de Renaissance lezen vertelt ons dat Petrarca en Poggio de boeken uit de oudheid herontdekten die eeuwenlang in middeleeuwse abdijen waren gekopieerd. De herintroductie van de Griekse wetenschap en filosofie begon echter in de twaalfde eeuw, maar vond vooral plaats in de dertiende eeuw. Deze werken werden voor het eerst vertaald in het Syrisch en Arabisch in de achtste en negende eeuw en opgeslagen in het Huis van Wijsheid in Bagdad.
Daar werden ze gelezen, gebruikt en becommentarieerd door Arabische filosofen, van wie Averroës (1126–1198), die in Cordoba woonde, de bekendste was. De vertaling van zijn commentaren op Aristoteles heeft de Europese filosofische scene ingrijpend veranderd. Averroës, die ook een eigen filosofie ontwikkelde, had tot in de zestiende eeuw navolgers in Latijns-Europa.
Zijn werk was bekend en hij verscheen in de geschiedenis van de filosofie tot het midden van de negentiende eeuw, toen de Arabieren uit de geschiedenisboeken werden verdreven. Een van de redenen was de uitvinding van het concept van de Renaissance. Dat die Renaissance in Bagdad begon wil een al te Eurocentrisch Westen lange tijd niet horen. Tijd voor een Zeitenwende. Lees hier verder.